Staatsexamen NT2 lezen oefenen

18 zelfgemaakte leesvragen in het format van het Staatsexamen NT2 Programma II (B2): een opiniestuk, een verslag van een proef en een beschouwing, met uitleg bij elk antwoord. In het echte examen zijn er meer teksten.

Over deze vragen

Alle teksten, namen, plaatsen, datums en prijzen zijn verzonnen voor deze oefeningen. FreeExamPath is onafhankelijk en niet verbonden aan het College voor Toetsen en Examens (CvTE) of DUO. Deze oefeningen zijn geen officiële examenopgaven.

Uw voortgang wordt alleen in deze browser opgeslagen.

Tekst 1: opiniestuk

Lees het opiniestuk. Kies bij elke vraag het goede antwoord.

Opiniestuk Iedereen terug naar kantoor? Laat teams het zelf bepalen

Opiniestuk van Ruben Verhoef, directeur van softwarebedrijf Datawerk Noord

Sinds een paar jaar voeren veel organisaties dezelfde discussie: hoeveel dagen per week moeten medewerkers op kantoor zijn? Bij ons bedrijf, een softwarebedrijf met zestig medewerkers, hebben we daar twee jaar lang een duidelijke regel voor gehad: iedereen minstens drie dagen per week op kantoor. Vorig jaar hebben we die regel afgeschaft. Ik wil uitleggen waarom, want ik merk dat veel collega-directeuren de omgekeerde weg kiezen.

De regel van drie dagen was goed bedoeld. We waren bang dat medewerkers elkaar uit het oog zouden verliezen en dat nieuwe collega's weinig zouden leren als ze alleen thuis achter hun laptop zaten. Die zorg was terecht, en dat is ze nog steeds. Maar de regel loste het probleem niet op. Wat zagen we in de praktijk? Medewerkers kwamen braaf drie dagen naar kantoor, maar zaten daar vervolgens met een koptelefoon op in online vergaderingen met collega's die op een andere dag kwamen. Ze reisden dus een uur heen en een uur terug om precies hetzelfde te doen als thuis. Geen wonder dat de ergernis groeide.

Een regel die voor iedereen hetzelfde is, klinkt eerlijk, maar dat is ze niet. Een programmeur die zich vier uur achter elkaar moet concentreren, heeft andere behoeften dan een projectleider die de hele dag overlegt. En een ouder met jonge kinderen heeft weer andere wensen dan een starter die net in de stad woont en graag collega's wil leren kennen.

Daarom hebben we de verantwoordelijkheid verlegd naar de teams. Elk team spreekt nu zelf af wanneer de leden samen op kantoor zijn. Het ene team komt elke dinsdag en donderdag, het andere alleen op maandag. Er is maar één vaste afspraak voor het hele bedrijf: één keer per maand is er een bedrijfsdag, waarop iedereen aanwezig is en we samen lunchen.

Is alles nu opgelost? Nee. Vooral voor nieuwe medewerkers blijft het lastig. Wie net begint, leert veel door gewoon naast ervaren collega's te zitten en mee te luisteren. Daarom krijgt elke nieuwe collega in de eerste drie maanden een vaste begeleider, en spreken ze af dat ze in die periode minstens twee dagen per week samen op kantoor werken. Dat is dus toch een regel, zult u zeggen. Dat klopt, maar het is een regel met een duidelijk doel, en niet een regel om de regel.

Na een jaar zijn de resultaten bemoedigend. Er vertrekken minder mensen dan vroeger, en in sollicitatiegesprekken noemen kandidaten onze aanpak steeds vaker als reden om voor ons te kiezen. Op kantoor is het op sommige dagen stil, en dat vind ik eerlijk gezegd soms jammer. Maar op de dagen dat een team er is, wordt er echt samengewerkt.

Mijn conclusie is niet dat thuiswerken altijd beter is. Mijn conclusie is dat de vraag 'hoeveel dagen?' de verkeerde vraag is. De goede vraag is: waarvoor komen we samen? Wie die vraag eerlijk beantwoordt, heeft geen regels van bovenaf nodig.

Verzonnen oefentekst

Vraag 1

Wat is het belangrijkste standpunt van de schrijver?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: B — Teams kunnen beter zelf beslissen wanneer ze op kantoor werken.

Waarom? De schrijver pleit ervoor dat teams zelf afspreken wanneer ze op kantoor zijn. Hij zegt uitdrukkelijk dat thuiswerken niet altijd beter is.

Een fout melden

Vraag 2

Waarom werkte de regel van drie dagen volgens de schrijver niet?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: A — Medewerkers deden op kantoor vaak hetzelfde als thuis.

Waarom? Medewerkers kwamen wel, maar zaten op kantoor in online vergaderingen met collega's die er niet waren. Ze deden dus hetzelfde als thuis.

Een fout melden

Vraag 3

Welke functie heeft de alinea over de programmeur, de projectleider en de ouder?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: C — Ze ondersteunt de stelling dat één regel voor iedereen niet eerlijk is.

Waarom? De voorbeelden laten zien dat medewerkers verschillende behoeften hebben. Ze onderbouwen de eerste zin van de alinea: één regel voor iedereen is niet eerlijk.

Een fout melden

Vraag 4

Welke afspraak geldt voor het hele bedrijf?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: C — Eén keer per maand komt iedereen naar kantoor.

Waarom? De enige vaste afspraak voor iedereen is de maandelijkse bedrijfsdag. De twee dagen per week gelden alleen voor nieuwe medewerkers.

Een fout melden

Vraag 5

Wat bedoelt de schrijver met 'een regel om de regel'?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: B — Een regel die er is zonder duidelijk doel.

Waarom? De schrijver zet 'een regel om de regel' tegenover 'een regel met een duidelijk doel'. Het is dus een regel zonder echt doel.

Een fout melden

Vraag 6

Welke conclusie trekt de schrijver aan het eind?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: A — Organisaties moeten eerst bepalen waarom medewerkers samenkomen.

Waarom? Volgens de schrijver is niet het aantal dagen belangrijk, maar het doel van samenkomen. Hij schrijft juist dat thuiswerken niet altijd beter is.

Een fout melden

Tekst 2: verslag van een proef

Lees het verslag. Kies bij elke vraag het goede antwoord. Gebruik de tussenkopjes om snel te zoeken.

Verslag Een jaar buurtconciërge in Oosterkamp: wat heeft het opgeleverd?

In september vorig jaar zijn de gemeente Lindewijk en woningcorporatie Thuisbaak in de wijk Oosterkamp een proef begonnen met een buurtconciërge. Deze medewerker is vier dagen per week in de wijk aanwezig, kent de bewoners en lost kleine problemen snel op, of zorgt ervoor dat de juiste instantie dat doet. In dit verslag beschrijven we de aanleiding, de resultaten en onze aanbevelingen.

  • Aanleiding
    Oosterkamp is een wijk met ruim 1.800 woningen, voornamelijk flats uit de jaren zestig. De afgelopen jaren kwamen er steeds meer klachten binnen over vervuilde portieken, kapotte verlichting en geluidsoverlast. Uit gesprekken met bewoners bleek bovendien dat veel van hen niet wisten waar ze met een probleem terechtkonden. Meldingen kwamen daardoor bij de verkeerde instantie terecht, of werden helemaal niet gedaan. Bewoners hadden het gevoel dat er 'toch niets gebeurde'.
  • Werkwijze
    De conciërge, Ahmed Benali, loopt elke dag een vaste ronde door de wijk. Bewoners kunnen hem op straat aanspreken of hem bellen. Kleine reparaties, zoals een lamp in het portiek, voert hij zelf uit. Grotere problemen meldt hij bij de corporatie of de gemeente, en hij houdt de bewoner op de hoogte totdat het probleem is opgelost. Daarnaast organiseert hij eens per maand een koffieochtend in het buurthuis.
  • Resultaten
    Het aantal klachten over vervuiling en verlichting is in het afgelopen jaar met bijna veertig procent gedaald. Opvallender is misschien nog dat het aantal meldingen in het begin juist steeg. Bewoners wisten nu waar ze terechtkonden en meldden problemen die er al lang waren. Pas na een paar maanden daalde het aantal meldingen. In een enquête onder 312 bewoners gaf 71 procent aan zich veiliger te voelen in de wijk dan een jaar eerder. Op het gebied van geluidsoverlast zien we nauwelijks verandering. Hier kan de conciërge weinig doen: hij heeft geen bevoegdheid om op te treden, en bewoners willen begrijpelijkerwijs niet dat een buurman weet wie er geklaagd heeft.
  • Kosten
    De proef kostte in totaal ongeveer € 68.000, voornamelijk aan salaris. De corporatie en de gemeente betaalden elk de helft. Daar staat tegenover dat de corporatie minder externe monteurs hoefde in te schakelen voor kleine reparaties. Hoeveel geld dat precies heeft opgeleverd, is nog niet te zeggen, omdat de cijfers over het tweede halfjaar nog niet compleet zijn.
  • Aanbevelingen
    Wij adviseren de proef met twee jaar te verlengen en daarna opnieuw te evalueren. Voor geluidsoverlast is een andere aanpak nodig; we stellen voor om hiervoor samen te werken met een organisatie voor buurtbemiddeling. Ten slotte raden we aan om de rol van de conciërge niet afhankelijk te laten zijn van één persoon. Veel bewoners noemen de heer Benali bij naam en vertrouwen hem. Dat is een kracht, maar ook een risico: als hij vertrekt, valt veel van het opgebouwde vertrouwen weg. Een tweede, parttime conciërge die met hem meeloopt, kan dit risico verkleinen.

Verzonnen oefentekst

Vraag 7

Voor wie is dit verslag vooral bedoeld?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: C — Voor de organisaties die moeten besluiten of de proef doorgaat.

Waarom? Het verslag beschrijft resultaten en kosten en eindigt met aanbevelingen over verlenging. Het is dus bedoeld voor wie over de proef beslist.

Een fout melden

Vraag 8

Wat was volgens het verslag een van de oorzaken van de problemen in Oosterkamp?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: B — Bewoners wisten vaak niet bij wie ze een probleem moesten melden.

Waarom? Bewoners wisten niet waar ze terechtkonden, waardoor meldingen verkeerd of niet terechtkwamen. Het verslag zegt niet dat er te weinig instanties waren.

Een fout melden

Vraag 9

Hoe verklaart het verslag dat het aantal meldingen in het begin steeg?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: A — Bewoners meldden nu ook oude problemen, omdat ze wisten waar dat kon.

Waarom? De stijging kwam doordat bewoners nu wisten waar ze terechtkonden en ook problemen meldden die er al lang waren.

Een fout melden

Vraag 10

Waarom heeft de conciërge weinig invloed op geluidsoverlast?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: B — Omdat hij niet mag optreden en bewoners anoniem willen blijven.

Waarom? De conciërge heeft geen bevoegdheid om op te treden, en bewoners willen niet dat bekend wordt wie geklaagd heeft.

Een fout melden

Vraag 11

Wat staat er in het verslag over de kosten van de proef?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: C — Het is nog niet bekend hoeveel de corporatie heeft bespaard.

Waarom? De besparing is nog niet bekend, omdat de cijfers over het tweede halfjaar niet compleet zijn. De kosten werden door de corporatie en de gemeente gedeeld.

Een fout melden

Vraag 12

Welk risico noemt het verslag bij de aanbevelingen?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: A — Dat het vertrouwen van bewoners verdwijnt als de conciërge vertrekt.

Waarom? Bewoners vertrouwen vooral de heer Benali persoonlijk; als hij vertrekt, kan dat vertrouwen verdwijnen.

Een fout melden

Tekst 3: beschouwing

Lees de beschouwing. Kies bij elke vraag het goede antwoord.

Beschouwing Spreek alstublieft Nederlands tegen me

Een beschouwing van Elena Marković

Iedereen die Nederlands leert, kent het. Je hebt je zin in gedachten al drie keer geoefend, je loopt naar de kassa en je zegt: 'Mag ik een broodje kaas, alstublieft?' Waarop de caissière vriendelijk glimlacht en in vloeiend Engels vraagt of je er ook iets te drinken bij wilt. Je voelt je betrapt, alsof je een toneelstuk speelt waarvan iedereen weet dat het nep is.

Toen ik zes jaar geleden in Nederland kwam wonen, ergerde ik me daar enorm aan. Ik vond het onbeleefd. Begrepen ze dan niet dat ik moeite deed? Inmiddels denk ik er genuanceerder over. De meeste Nederlanders bedoelen het niet slecht, integendeel. Ze willen je helpen, ze willen het gesprek soepel laten verlopen, en ze zijn trots op hun Engels. Wie overschakelt, denkt meestal niet 'jouw Nederlands is slecht', maar 'zo gaat het sneller'.

Toch heeft die vriendelijkheid een prijs, en die betaalt de taalleerder. Een taal leer je niet uit een boek alleen. Je leert haar in gewone gesprekken, waarin je fouten maakt, iets niet begrijpt en het opnieuw probeert. Als die gesprekken steeds in het Engels eindigen, blijf je hangen op het niveau van de klas. Ik ken mensen die al tien jaar hier wonen en nog steeds geen gesprek met hun buren in het Nederlands kunnen voeren. Dat is niet omdat ze lui zijn, maar omdat ze nooit de kans kregen om te oefenen.

Wat kun je eraan doen? Ik heb gemerkt dat het helpt om het gewoon te zeggen: 'Ik leer Nederlands; wilt u alstublieft Nederlands met me blijven praten?' Bijna iedereen reageert daar positief op. Sommigen gaan dan wel extra langzaam en duidelijk praten, alsof je een kind bent, maar dat neem ik voor lief. Het is een begin.

Ook op mijn werk heb ik een afspraak gemaakt. Op de afdeling spreken we Engels, omdat er collega's uit veel verschillende landen werken. Maar met twee Nederlandse collega's lunch ik op woensdag, en dan praten we alleen Nederlands. Ze verbeteren me niet bij elke fout, alleen als ik ze erom vraag. Dat was mijn eigen voorstel, want te veel verbeteringen maken je onzeker.

Toch vind ik dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij de nieuwkomer ligt. Van ons wordt verwacht dat we Nederlands leren, en terecht. Maar dan moet de samenleving ons ook de ruimte geven om dat te doen. Dat kost Nederlanders weinig: een beetje geduld, een paar seconden extra aan de kassa.

Mijn Nederlands is nu goed genoeg om deze tekst te schrijven, al heeft een vriendin hem wel even nagelezen. Het heeft me meer tijd gekost dan nodig was. Dus aan iedereen die dit leest en een accent hoort aan de andere kant van de toonbank: schakel niet meteen over. Geef ons die paar seconden.

Verzonnen oefentekst

Vraag 13

Wat is het hoofdonderwerp van deze tekst?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: A — Hoe overschakelen op het Engels het leren van Nederlands belemmert.

Waarom? De schrijver beschrijft hoe Nederlanders vaak op het Engels overschakelen en hoe taalleerders daardoor te weinig kunnen oefenen.

Een fout melden

Vraag 14

Hoe denkt de schrijver nu over Nederlanders die op het Engels overschakelen?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: C — Ze denkt dat ze het meestal goed bedoelen.

Waarom? Vroeger vond ze het onbeleefd, maar nu denkt ze dat de meeste Nederlanders willen helpen en het niet slecht bedoelen.

Een fout melden

Vraag 15

Waarom kunnen sommige mensen na tien jaar nog geen gesprek in het Nederlands voeren, volgens de schrijver?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: B — Omdat ze te weinig kans kregen om te oefenen.

Waarom? Volgens de schrijver komt het niet door luiheid, maar doordat ze nooit de kans kregen om te oefenen.

Een fout melden

Vraag 16

Waarom verbeteren haar collega's haar alleen als ze daarom vraagt?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: C — Omdat te veel verbeteringen haar onzeker zouden maken.

Waarom? De schrijver stelde dit zelf voor, omdat te veel verbeteringen je onzeker maken. De collega's zijn Nederlands.

Een fout melden

Vraag 17

Welke functie heeft de alinea die begint met 'Toch vind ik dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij de nieuwkomer ligt'?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: A — De schrijver vraagt ook iets van Nederlanders, naast de inzet van nieuwkomers.

Waarom? Na de tips voor taalleerders zegt de schrijver dat ook de samenleving iets moet doen: nieuwkomers de ruimte geven om te oefenen.

Een fout melden

Vraag 18

Wat wil de schrijver met de laatste alinea bereiken?

Antwoord tonen

Juiste antwoord: B — Dat Nederlanders taalleerders de tijd geven om Nederlands te spreken.

Waarom? De schrijver vraagt Nederlanders om niet meteen op het Engels over te schakelen, zodat taalleerders kunnen oefenen.

Een fout melden

Gratis officiële oefenexamens

Het CvTE heeft een gratis oefenomgeving met volledige oefenexamens voor alle vier de onderdelen en beide programma's. Die werkt alleen op een computer of laptop.