KNM oefenen: gratis oefenvragen Kennis van de Nederlandse Maatschappij 100 oefenvragen voor het KNM-examen (Kennis van de Nederlandse Maatschappij), in eenvoudig Nederlands en met uitleg bij elk antwoord. Kies een thema, kies een antwoord en controleer meteen of het goed is.
Over deze vragen Dit zijn eigen oefenvragen van FreeExamPath over de officiële KNM-thema's, geschreven in eenvoudig Nederlands, op basis van de wettelijke eindtermen en officiële overheidspagina's. Het zijn geen examen- of oefenvragen van DUO, en FreeExamPath is niet verbonden aan DUO. De wettelijke eindtermen KNM
Zo werkt het inburgeringsexamen
Werk en inkomen Omgangsvormen, waarden en normen Wonen Gezondheid en gezondheidszorg Geschiedenis en geografie Instanties Staatsinrichting en rechtsstaat Onderwijs en opvoeding Uw voortgang wordt alleen in deze browser opgeslagen.
Werk en inkomen Meerkeuze
Wat is de hoofdtaak van een uitzendbureau? A Mensen helpen om werk te vinden. B Mensen helpen om een woning te huren. C Mensen helpen om een paspoort aan te vragen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Mensen helpen om werk te vinden.
Waarom? Een uitzendbureau helpt mensen om werk te vinden, vaak tijdelijk werk bij bedrijven. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke informatie hoort in een cv voor een baan? A Uw opleiding en eerdere banen. B De banen van uw buren. C De uitgaven van uw gezin. D De opleiding van uw ouders.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Uw opleiding en eerdere banen.
Waarom? Een cv is een overzicht van uw opleiding en werkervaring. Een werkgever gebruikt dit bij een sollicitatie. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke eis kan een werkgever stellen als Nederlands nodig is voor het werk? A Dat een werknemer in Nederland geboren is. B Dat een werknemer Nederlandse ouders heeft. C Dat een werknemer voldoende Nederlands spreekt.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Dat een werknemer voldoende Nederlands spreekt.
Waarom? Een werkgever mag kennis van het Nederlands vragen als dat nodig is voor het werk. De eis gaat over taalvaardigheid. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat laat een beoordeling van een buitenlands diploma zien? A Op welke leeftijd iemand met werken moet stoppen. B Met welk Nederlands diploma het vergelijkbaar is. C Bij welke werkgever iemand direct moet beginnen. D Hoeveel loon iemand later precies gaat verdienen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Met welk Nederlands diploma het vergelijkbaar is.
Waarom? Een beoordeling vergelijkt het buitenlandse diploma met het Nederlandse onderwijs. Zo wordt het niveau van de opleiding duidelijker. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke organisatie regelt de WW-uitkering na verlies van werk? A UWV. B De Belastingdienst. C De gemeente.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — UWV.
Waarom? UWV regelt de WW-uitkering. Dit is een uitkering bij werkloosheid, waarvoor onder meer het arbeidsverleden telt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Van welke organisatie krijgen mensen bijstand? A Van hun gemeente. B Van hun zorgverzekeraar. C Van hun vorige werkgever.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Van hun gemeente.
Waarom? Bijstand is financiële hulp via de gemeente voor mensen die aan de voorwaarden voldoen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is verplicht als uw inkomen verandert terwijl u bijstand krijgt? A De verandering pas bij een verhuizing doorgeven. B De verandering alleen aan de zorgverzekeraar doorgeven. C De verandering alleen aan de werkgever doorgeven. D De verandering meteen aan de gemeente doorgeven.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — De verandering meteen aan de gemeente doorgeven.
Waarom? Bij bijstand geldt een plicht om belangrijke veranderingen meteen aan de gemeente door te geven. Dit geldt ook voor veranderingen in inkomen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke afspraak staat in een arbeidsovereenkomst? A Het aantal sollicitanten. B Het aantal collega's. C Het aantal klanten. D Het aantal werkuren.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Het aantal werkuren.
Waarom? Een arbeidsovereenkomst bevat afspraken tussen een werknemer en een werkgever. Daarin staat onder andere hoeveel uren iemand werkt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat kenmerkt een tijdelijk arbeidscontract? A Het werk is altijd in deeltijd. B Er is een afgesproken einde. C Er is geen afgesproken einde.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Er is een afgesproken einde.
Waarom? Bij een tijdelijk arbeidscontract is een einde afgesproken. Een vast contract heeft geen afgesproken einddatum. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat regelt een cao? A Afspraken over huur voor een groep bewoners. B Afspraken over werk voor een groep werknemers. C Afspraken over zorg voor een groep patiënten. D Afspraken over lessen voor een groep leerlingen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Afspraken over werk voor een groep werknemers.
Waarom? Een cao is een collectieve arbeidsovereenkomst. Hierin staan afspraken over werk, zoals loon en verlof, voor een groep werknemers. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat doet een ondernemingsraad in een bedrijf? A Klachten behandelen namens de klanten. B Belasting innen namens de landelijke overheid. C Meepraten over besluiten namens het personeel.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Meepraten over besluiten namens het personeel.
Waarom? Een ondernemingsraad vertegenwoordigt het personeel. De raad praat mee over belangrijke besluiten in het bedrijf. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke organisatie verdedigt de belangen van werknemers bij afspraken over loon en werk? A Een woningcorporatie. B Een vakbond. C Een zorgverzekeraar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Een vakbond.
Waarom? Een vakbond komt op voor de belangen van werknemers. Vakbonden maken met werkgevers afspraken over arbeidsvoorwaarden. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Bij welke organisatie schrijft iemand een nieuw bedrijf in? A De Belastingdienst. B De Kamer van Koophandel. C De Huurcommissie. D UWV.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De Kamer van Koophandel.
Waarom? Een nieuw bedrijf wordt ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Deze organisatie houdt het register van bedrijven bij. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie is bij zelfstandig werk verantwoordelijk voor het regelen van extra pensioen? A De zelfstandige. B De gemeente. C De klant.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De zelfstandige.
Waarom? Een zelfstandige regelt zelf extra pensioen. Dit is geld voor later, als iemand stopt met werken. Bron
Een fout melden
Omgangsvormen, waarden en normen Meerkeuze
Wat geldt voor omgangsvormen in Nederland? A Ze kunnen per groep en generatie verschillen. B Ze zijn voor alle generaties hetzelfde. C Ze zijn door de regering vastgesteld.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Ze kunnen per groep en generatie verschillen.
Waarom? Omgangsvormen zijn gewoonten in het contact tussen mensen. Ze kunnen verschillen tussen groepen, regio's en generaties. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent het als iemand direct spreekt? A Op een antwoord van anderen wachten. B Vooral via geschreven berichten praten. C Alleen met bekende mensen spreken. D Duidelijk zeggen wat je bedoelt.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Duidelijk zeggen wat je bedoelt.
Waarom? Veel mensen in Nederland zeggen duidelijk wat zij bedoelen. Dit wordt direct spreken genoemd. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent 'op afspraak' bij een bezoek? A Iedereen kan op elk moment komen. B Er is vooraf een tijd afgesproken. C Alleen familieleden mogen op bezoek komen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Er is vooraf een tijd afgesproken.
Waarom? Bij een afspraak spreken mensen vooraf een tijd af. In Nederland worden bezoeken vaak zo geregeld. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Twee volwassen vrouwen willen met elkaar trouwen. Wat staat de Nederlandse wet toe? A Zij mogen alleen een geregistreerd partnerschap sluiten. B Zij mogen met elkaar trouwen. C Zij mogen alleen ongehuwd samenwonen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Zij mogen met elkaar trouwen.
Waarom? In Nederland kunnen twee vrouwen met elkaar trouwen. Het huwelijk is ook mogelijk voor twee mannen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke relatievorm is, net als een huwelijk, in de wet geregeld? A Een geregistreerd partnerschap. B Een vaste verkering. C Een verloving. D Een vriendschap.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Een geregistreerd partnerschap.
Waarom? Een geregistreerd partnerschap is een wettelijke relatievorm voor twee partners. Er horen rechten en plichten bij. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat vieren mensen met Oud en Nieuw? A De komst van de lente. B De verjaardag van de koning. C De overgang naar een nieuw jaar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — De overgang naar een nieuw jaar.
Waarom? Oud en Nieuw is het feest rond het einde van het oude jaar en het begin van het nieuwe jaar. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is vrijwilligerswerk? A Werk dat iemand verplicht voor een werkgever doet. B Werk dat iemand alleen tijdens een opleiding doet. C Werk dat iemand vrijwillig en zonder loon doet. D Werk dat iemand alleen thuis tegen loon doet.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Werk dat iemand vrijwillig en zonder loon doet.
Waarom? Vrijwilligerswerk doet iemand uit vrije keuze, zonder loon. Dat kan bijvoorbeeld bij een vereniging zijn. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke gebeurtenis vieren mensen bij een bruiloft? A Een huwelijk. B Een geslaagd examen. C Een geboorte.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Een huwelijk.
Waarom? Een bruiloft is een feest bij een huwelijk. Families kunnen daarbij verschillende gewoonten hebben. Bron
Een fout melden
Wonen Meerkeuze
Wat staat in een huurcontract? A De afspraken tussen koper en hypotheekbank. B De afspraken tussen bewoner en energieleverancier. C De afspraken tussen huurder en verhuurder.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — De afspraken tussen huurder en verhuurder.
Waarom? Een huurcontract bevat de afspraken over het huren van de woning. Er staat bijvoorbeeld hoeveel huur u betaalt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat doet een woningcorporatie onder andere? A Bouwvergunningen voor woningen afgeven. B De energiebelasting voor woningen vaststellen. C Sociale huurwoningen verhuren. D Hypotheken aan kopers geven.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Sociale huurwoningen verhuren.
Waarom? Een woningcorporatie is een organisatie die woningen verhuurt. Daar horen ook sociale huurwoningen bij. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat wordt u als u een woning koopt? A De huurder van de woning. B De eigenaar van de woning. C De beheerder van de woning.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De eigenaar van de woning.
Waarom? Na de aankoop bent u eigenaar van de woning. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke organisatie kan de huurprijs van een sociale huurwoning beoordelen? A De Sociale Verzekeringsbank. B De Huurcommissie. C De politie. D De Kamer van Koophandel.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De Huurcommissie.
Waarom? De Huurcommissie behandelt problemen tussen huurders en verhuurders. Zij kan bijvoorbeeld de huurprijs van een sociale huurwoning beoordelen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Aan wie geeft u gevraagde meterstanden door voor uw energiecontract? A Aan uw hypotheekbank. B Aan uw gemeente. C Aan uw energieleverancier.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Aan uw energieleverancier.
Waarom? De energieleverancier levert gas of elektriciteit. Met de meterstanden kan het bedrijf uw verbruik berekenen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent een vast tarief tijdens de afgesproken periode van een energiecontract? A De afgesproken prijs per eenheid energie, zonder belastingen, blijft gelijk. B De belastingen op gas en stroom blijven gelijk. C De totale rekening voor gas of stroom blijft gelijk. D Het verbruik van gas of stroom blijft gelijk.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De afgesproken prijs per eenheid energie, zonder belastingen, blijft gelijk.
Waarom? Tijdens die periode blijft de afgesproken prijs per eenheid energie zonder belastingen gelijk. De totale rekening kan veranderen door uw verbruik en belastingen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat staat op de jaarafrekening voor water? A De huur en de borg. B Het loon en de belasting. C Het verbruik en de kosten.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Het verbruik en de kosten.
Waarom? De jaarafrekening laat zien hoeveel water u heeft gebruikt en wat dat kost. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Bij welk bedrijf meldt u een storing in de levering van water? A Bij uw waterbedrijf. B Bij uw verzekeringsmaatschappij. C Bij uw woningmakelaar. D Bij uw internetbedrijf.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Bij uw waterbedrijf.
Waarom? Het waterbedrijf levert water aan uw woning. Een storing in die levering meldt u bij dat bedrijf. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie bepaalt hoe huishoudelijk afval in uw woonplaats wordt opgehaald? A De energieleverancier. B De gemeente. C De woningcorporatie.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De gemeente.
Waarom? De gemeente regelt de inzameling van huishoudelijk afval. De manier van ophalen kan per gemeente verschillen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waarom wordt huishoudelijk afval gescheiden ingezameld? A Om materialen opnieuw te kunnen gebruiken. B Om alle afval samen te kunnen verbranden. C Om minder verschillende soorten afvalbakken te gebruiken.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Om materialen opnieuw te kunnen gebruiken.
Waarom? Gescheiden afval is gemakkelijker te recyclen. De materialen kunnen dan opnieuw worden gebruikt. Bron
Een fout melden
Gezondheid en gezondheidszorg Meerkeuze
Welke arts is meestal het eerste contact bij gewone gezondheidsklachten? A De huisarts. B De chirurg. C De oogarts.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De huisarts.
Waarom? De huisarts is meestal de eerste arts bij gezondheidsklachten. Deze arts behandelt veel voorkomende klachten. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waarvoor biedt de huisarts ook hulp? A Voor de berekening van het inkomen. B Voor het afsluiten van een verzekering. C Voor angst en langdurige somberheid. D Voor een aanvraag van een huurwoning.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Voor angst en langdurige somberheid.
Waarom? U kunt ook angst en somberheid met de huisarts bespreken. Dit zijn psychische klachten. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent het beroepsgeheim van een huisarts? A De werkgever ontvangt alle medische informatie. B Familieleden krijgen automatisch alle medische informatie. C Medische informatie blijft in principe vertrouwelijk.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Medische informatie blijft in principe vertrouwelijk.
Waarom? Door het beroepsgeheim beschermt de huisarts persoonlijke medische informatie. Die informatie is dus vertrouwelijk. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waar haalt een patiënt medicijnen die alleen op recept verkrijgbaar zijn? A Bij een supermarkt. B Bij een apotheek. C Bij een drogist.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Bij een apotheek.
Waarom? Medicijnen die alleen op recept verkrijgbaar zijn, haalt u bij een apotheek. Een recept is een voorschrift van een arts. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke zorg biedt het consultatiebureau aan jonge kinderen? A Spoedoperaties in het ziekenhuis uitvoeren. B Een ambulance sturen bij ernstige ongevallen. C Gaatjes in het gebit behandelen. D Hun groei en ontwikkeling volgen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Hun groei en ontwikkeling volgen.
Waarom? Het consultatiebureau volgt de groei, gezondheid en ontwikkeling van jonge kinderen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie kan een patiënt doorverwijzen naar een medisch specialist? A De apotheker. B De huisarts. C De kraamverzorger. D De zorgverzekeraar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De huisarts.
Waarom? De huisarts kan een verwijzing naar een specialist geven. Een specialist is een arts voor bepaalde ziekten of lichaamsdelen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke dienst biedt dringende huisartsenzorg in de avond, nacht en het weekend? A De huisartsenpost. B De thuiszorg. C De tandartspraktijk. D Het consultatiebureau.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De huisartsenpost.
Waarom? De huisartsenpost biedt dringende huisartsenzorg buiten de gewone openingstijden. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wanneer is 112 het juiste nummer voor medische hulp? A Als iemand een herhaalrecept nodig heeft. B Als iemands leven in gevaar is. C Als iemand een gewone controle wil.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Als iemands leven in gevaar is.
Waarom? Bij een levensbedreigende situatie is 112 het alarmnummer voor directe hulp. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat geldt voor een aanvullende zorgverzekering? A Deze extra verzekering is vrijwillig. B Deze extra verzekering vervangt de basisverzekering. C Deze extra verzekering is voor iedereen verplicht.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Deze extra verzekering is vrijwillig.
Waarom? Een aanvullende zorgverzekering is extra en vrijwillig. Daarmee kunt u bepaalde zorg buiten het basispakket verzekeren. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat geldt voor het eigen risico bij een gewoon bezoek aan de huisarts? A Voor de huisarts geldt een apart eigen risico. B U betaalt het bezoek uit het eigen risico. C Dit bezoek valt buiten het eigen risico.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Dit bezoek valt buiten het eigen risico.
Waarom? Een bezoek aan de huisarts valt buiten het eigen risico. Dit is het bedrag dat u voor bepaalde zorg eerst zelf betaalt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Uit welke verzekering wordt een gewone tandartscontrole voor een kind van tien jaar vergoed? A Uit de ongevallenverzekering van de school. B Uit de aansprakelijkheidsverzekering van de ouders. C Uit een verplichte extra tandartsverzekering. D Uit de basisverzekering van het kind.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Uit de basisverzekering van het kind.
Waarom? Een gewone tandartscontrole voor kinderen onder achttien jaar zit in het basispakket van de zorgverzekering. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is een eigen bijdrage voor zorg? A Een korting voor mensen die weinig zorg gebruiken. B Een deel van bepaalde zorgkosten dat de patiënt zelf betaalt. C Een vergoeding die de patiënt na elke behandeling krijgt. D Een maandelijkse betaling voor de hele zorgverzekering.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Een deel van bepaalde zorgkosten dat de patiënt zelf betaalt.
Waarom? De eigen bijdrage is het deel dat u voor bepaalde zorg zelf betaalt. Deze bijdrage staat los van het eigen risico. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Met wie kan iemand afspreken om het eigen risico in delen te betalen? A Met de werkgever. B Met de gemeente. C Met de zorgverzekeraar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Met de zorgverzekeraar.
Waarom? De zorgverzekeraar kan het eigen risico in termijnen laten betalen. U betaalt het bedrag dan in delen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat doet de kraamzorg na een bevalling? A Opvang verzorgen voor kinderen na school. B Zorg geven aan de moeder en baby. C Een jaarlijkse controle van het gebit uitvoeren.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Zorg geven aan de moeder en baby.
Waarom? Kraamzorg helpt de moeder en verzorgt de baby na de geboorte. Bron
Een fout melden
Geschiedenis en geografie Meerkeuze
Wat kenmerkt de Nederlandse handel in de zeventiende eeuw? A Schepen vervoeren goederen alleen tussen Nederlandse steden. B Handel met andere werelddelen is in Nederland verboden. C Schepen brengen goederen van en naar verre landen. D Nederlandse havens laten geen buitenlandse schepen toe.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Schepen brengen goederen van en naar verre landen.
Waarom? In de zeventiende eeuw zorgen scheepvaart en handel voor economische groei in Nederland. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat gebeurt er met mensen die Nederland in de koloniale tijd tot slaaf maakt? A Zij kiezen zelf hun werk en werkgever. B Zij worden als bezit gekocht en verkocht. C Zij kunnen zelf stoppen met hun werk.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Zij worden als bezit gekocht en verkocht.
Waarom? Nederland maakt in de koloniale tijd mensen tot slaaf en verhandelt hen. Deze mensen verliezen hun vrijheid. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waartegen beschermen dijken het land? A Tegen overstromingen. B Tegen bosbranden. C Tegen aardbevingen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Tegen overstromingen.
Waarom? Dijken houden water tegen. Ze helpen het land te beschermen tegen overstromingen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is het Wilhelmus? A Een Nederlandse provincie. B Een Nederlandse feestdag. C Het Nederlandse volkslied. D Een Nederlands paleis.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Het Nederlandse volkslied.
Waarom? Het Wilhelmus is het volkslied van Nederland. Een volkslied is het officiële lied van een land. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welk leger bezet Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog? A Het Amerikaanse leger. B Het Britse leger. C Het Duitse leger.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Het Duitse leger.
Waarom? Tijdens de Tweede Wereldoorlog bezet het Duitse leger Nederland. Nederland staat dan onder Duitse bezetting. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat wordt bedoeld met de Holocaust? A De vervolging en moord op Joden door de nazi's. B De bevrijding van Nederland aan het einde van de oorlog. C De groei van de economie na de Tweede Wereldoorlog. D De oprichting van de Verenigde Naties na de oorlog.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De vervolging en moord op Joden door de nazi's.
Waarom? Tijdens de Holocaust vervolgen en vermoorden de nazi's Joden. Ook veel Nederlandse Joden worden vermoord. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welk woord betekent haat tegen Joden? A Democratie. B Antisemitisme. C Emancipatie.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Antisemitisme.
Waarom? Antisemitisme betekent haat tegen Joden. Het is een vorm van discriminatie. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Aan wie denken mensen tijdens de Nationale Dodenherdenking? A Aan alle overleden koningen. B Aan alle overleden familieleden. C Aan slachtoffers van oorlogen. D Aan slachtoffers van verkeersongelukken.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Aan slachtoffers van oorlogen.
Waarom? Tijdens de Nationale Dodenherdenking herdenken mensen oorlogsslachtoffers. Zij staan stil bij de mensen die zijn omgekomen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat vieren mensen op Bevrijdingsdag? A De bevrijding en de vrijheid. B Het ontstaan van het koninkrijk. C De verjaardag van de koning.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De bevrijding en de vrijheid.
Waarom? Op Bevrijdingsdag vieren mensen de bevrijding van de Duitse bezetting en de vrijheid. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent het woord arbeidsmigrant? A Iemand die voor vakantie naar een ander land reist. B Iemand die voor familiebezoek naar een ander land reist. C Iemand die voor werk naar een ander land verhuist.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Iemand die voor werk naar een ander land verhuist.
Waarom? Arbeidsmigranten komen naar Nederland voor werk. Zij zijn een van de groepen die na de oorlog naar Nederland komen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Voor welke reizen is een retourkaartje bedoeld? A Voor alle reizen tijdens een maand. B Voor onbeperkt reizen tijdens een dag. C Voor alleen de heenreis naar een bestemming. D Voor de heenreis en de terugreis.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Voor de heenreis en de terugreis.
Waarom? Met een retourkaartje reist iemand naar een bestemming en terug. Het kaartje is voor beide richtingen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke stad is de Nederlandse hoofdstad? A Amsterdam. B Utrecht. C Rotterdam.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Amsterdam.
Waarom? Amsterdam is de hoofdstad van Nederland. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
In welke stad werkt de Nederlandse regering? A Rotterdam. B Den Haag. C Amsterdam.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Den Haag.
Waarom? De Nederlandse regering werkt vanuit Den Haag. Deze stad is de regeringszetel. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Uit hoeveel provincies bestaat Nederland? A Vijftien. B Tien. C Twaalf.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Twaalf.
Waarom? Nederland bestaat uit twaalf provincies. Elke provincie heeft een eigen bestuur. Bron
Een fout melden
Instanties Meerkeuze
Wat is DigiD? A Uw digitale identiteit voor zaken met de overheid. B Uw digitale klantenkaart voor korting in winkels. C Uw digitale bankrekening voor het betalen van rekeningen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Uw digitale identiteit voor zaken met de overheid.
Waarom? Met DigiD laat u online zien wie u bent. Zo kunt u zaken met de overheid regelen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is het BSN? A Een polisnummer voor contact met uw verzekeraar. B Een persoonlijk nummer voor contact met de overheid. C Een inlogcode voor het bekijken van uw bankrekening. D Een klantnummer voor bestellingen bij een webwinkel.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Een persoonlijk nummer voor contact met de overheid.
Waarom? Het burgerservicenummer, of BSN, is uw eigen persoonsnummer. U gebruikt het bij contact met de overheid. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke organisatie geeft informatie over het plannen van inkomsten en uitgaven? A Nibud. B De politie. C De Huurcommissie.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Nibud.
Waarom? Nibud geeft informatie over omgaan met geld. Dat helpt bij het plannen van inkomsten en uitgaven. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waar kan iemand hulp vragen bij grote schulden? A Bij de afdeling afval van de gemeente. B Bij de schuldhulpverlening van de gemeente. C Bij de afdeling paspoorten van de gemeente.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Bij de schuldhulpverlening van de gemeente.
Waarom? Schuldhulpverlening helpt mensen met geldschulden. De gemeente kan deze hulp regelen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Aan welke gemeente geeft u een verhuizing binnen Nederland door? A Aan de gemeente waar u gaat wonen. B Aan de gemeente waar uw ouders wonen. C Aan de gemeente waar u bent geboren. D Aan de gemeente waar u uw werk heeft.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Aan de gemeente waar u gaat wonen.
Waarom? U meldt de verhuizing bij de gemeente waar u gaat wonen. Deze gemeente past uw adres aan in de Basisregistratie Personen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waarvoor betaalt een huishouden afvalstoffenheffing aan de gemeente? A Voor het ophalen en verwerken van huishoudelijk afval. B Voor het leveren en zuiveren van drinkwater. C Voor het aanleggen en onderhouden van snelwegen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Voor het ophalen en verwerken van huishoudelijk afval.
Waarom? Afvalstoffenheffing is een gemeentelijke belasting. Hiermee betaalt de gemeente het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welk document geeft een overzicht van uw loon en uw werkuren? A Uw huurcontract. B Uw schooldiploma. C Uw zorgpolis. D Uw loonstrook.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Uw loonstrook.
Waarom? Een loonstrook is een overzicht van uw loon. Er staat ook hoeveel uren u werkt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent nettoloon? A Het loon dat alleen uit vakantiegeld bestaat. B Het loon dat na inhoudingen overblijft. C Het loon voordat er iets wordt ingehouden.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Het loon dat na inhoudingen overblijft.
Waarom? Nettoloon is wat overblijft na inhoudingen, zoals belasting en premies. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Over welke periode gaat een jaaropgave van uw werkgever? A Over een kalenderjaar. B Over een werkweek. C Over een werkdag.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Over een kalenderjaar.
Waarom? Een jaaropgave geeft uw totale loon en ingehouden belasting over een kalenderjaar. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke kosten helpt de zorgtoeslag te betalen? A De kosten van uw kinderopvang. B De kosten van uw huurwoning. C De kosten van uw zorgverzekering. D De kosten van uw opleiding.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — De kosten van uw zorgverzekering.
Waarom? Zorgtoeslag is geld voor een deel van de kosten van uw zorgverzekering. Hiervoor gelden voorwaarden. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Uw inkomen verandert terwijl u kinderopvangtoeslag krijgt. Waar meldt u dit? A Bij de Kamer van Koophandel. B Bij de Sociale Verzekeringsbank. C Bij Dienst Toeslagen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Bij Dienst Toeslagen.
Waarom? Bij kinderopvangtoeslag meldt u een verandering van uw inkomen aan Dienst Toeslagen. Deze dienst regelt de toeslag. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke organisatie betaalt kinderbijslag? A De Sociale Verzekeringsbank. B De zorgverzekeraar. C De Belastingdienst.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De Sociale Verzekeringsbank.
Waarom? De Sociale Verzekeringsbank betaalt kinderbijslag. Dit geld helpt bij de kosten van het opvoeden van kinderen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Vanaf welke leeftijd geldt de algemene identificatieplicht? A Vanaf veertien jaar. B Vanaf twaalf jaar. C Vanaf achttien jaar. D Vanaf zestien jaar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Vanaf veertien jaar.
Waarom? Vanaf veertien jaar moet u uw identiteitsbewijs tonen als een bevoegde ambtenaar daar volgens de regels om vraagt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent bezwaar maken tegen een besluit van de overheid? A Een nieuwe wet voorstellen aan de regering. B Een klacht over onbeleefd gedrag bij de balie indienen. C De overheid vragen het besluit opnieuw te bekijken.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — De overheid vragen het besluit opnieuw te bekijken.
Waarom? Met een bezwaar laat u weten dat u het oneens bent met een besluit. U dient het in bij de overheidsorganisatie die het besluit nam. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke klacht kan de Nationale ombudsman onderzoeken? A Een klacht over de inhoud van een wet. B Een klacht over de uitspraak van een rechter. C Een klacht over het gedrag van een overheidsorganisatie. D Een klacht over de prijzen van een supermarkt.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Een klacht over het gedrag van een overheidsorganisatie.
Waarom? De Nationale ombudsman behandelt klachten over de overheid. U moet eerst bij de organisatie zelf klagen en aan de andere voorwaarden voldoen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waarmee helpt het Juridisch Loket bijvoorbeeld? A Met het uitgeven van een nieuw rijbewijs. B Met vragen over uw rechten als huurder. C Met het vaststellen van de gemeentebelasting.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Met vragen over uw rechten als huurder.
Waarom? Het Juridisch Loket geeft juridisch advies. U kunt er bijvoorbeeld vragen stellen over uw huurcontract of slecht onderhoud. Bron
Een fout melden
Staatsinrichting en rechtsstaat Meerkeuze
Welke twee kamers vormen het Nederlandse parlement? A De gemeenteraad en Provinciale Staten. B De Eerste Kamer en de Tweede Kamer. C De ministerraad en de gemeenteraad.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De Eerste Kamer en de Tweede Kamer.
Waarom? Het parlement bestaat uit de Eerste Kamer en de Tweede Kamer. Samen vertegenwoordigen zij het Nederlandse volk. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie vormen samen de Nederlandse regering? A De ministers en de staatssecretarissen. B De koning en de burgemeesters. C De ministers en de rechters. D De koning en de ministers.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — De koning en de ministers.
Waarom? De regering bestaat uit de koning en alle ministers. Het kabinet bestaat uit ministers en staatssecretarissen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie is voorzitter van de ministerraad? A De voorzitter van de Tweede Kamer. B De koning. C De minister-president.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — De minister-president.
Waarom? Alle ministers vormen samen de ministerraad. De minister-president is de voorzitter. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie maken samen de landelijke wetten? A De regering en het parlement. B Het parlement en de politie. C De regering en de burgemeesters. D De rechters en de burgemeesters.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De regering en het parlement.
Waarom? De regering en het parlement maken samen de landelijke wetten. Samen hebben zij de wetgevende macht. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Heeft een burger van een ander EU-land een werkvergunning nodig om in Nederland te werken? A Ja, bij een vaste baan. B Ja, voor iedere betaalde baan. C Nee, een werkvergunning is niet nodig.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Nee, een werkvergunning is niet nodig.
Waarom? EU betekent Europese Unie. Burgers van EU-landen hebben geen werkvergunning nodig om in Nederland te werken. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Waarom zijn de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht in Nederland gescheiden? A Om verkiezingen alleen voor ministers te organiseren. B Om iedere provincie eigen landelijke wetten te geven. C Om rechters de regering te laten kiezen. D Om te veel macht bij één groep te voorkomen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Om te veel macht bij één groep te voorkomen.
Waarom? De machten controleren elkaar. Zo krijgt één persoon of kleine groep mensen niet alle macht. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Hoe werkt een rechter in Nederland? A Onafhankelijk van regering en parlement. B Volgens opdrachten van de Kamerleden. C Volgens opdrachten van de ministers.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Onafhankelijk van regering en parlement.
Waarom? Een rechter beslist over een rechtszaak op basis van de wet. De regering en het parlement bepalen de uitspraak niet. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent actief kiesrecht? A Het recht om gekozen te worden. B Het recht om een wet te maken. C Het recht om te stemmen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Het recht om te stemmen.
Waarom? Actief kiesrecht is het recht om bij verkiezingen te stemmen. Er gelden voorwaarden voor wie mag stemmen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wie worden bij de gemeenteraadsverkiezingen gekozen? A De leden van de gemeenteraad. B De leden van de Eerste Kamer. C De rechters van de rechtbank. D De ministers van de regering.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De leden van de gemeenteraad.
Waarom? Bij gemeenteraadsverkiezingen kiezen stemgerechtigde inwoners de leden van de gemeenteraad. Deze raad vertegenwoordigt de inwoners van de gemeente. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat zegt de Grondwet over discriminatie? A Discriminatie is een vrije keuze. B Discriminatie is verboden. C Discriminatie is alleen thuis toegestaan.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Discriminatie is verboden.
Waarom? De Grondwet bevat de belangrijkste rechten van mensen in Nederland. Daarin staat dat discriminatie verboden is. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat geldt voor de vrijheid van meningsuiting in Nederland? A Voor elke mening is toestemming nodig. B Alleen volwassenen mogen hun mening geven. C Een mening is alleen thuis toegestaan. D Er zijn grenzen in de wet.
Antwoord tonen Juiste antwoord: D — Er zijn grenzen in de wet.
Waarom? Vrijheid van meningsuiting betekent dat u mag zeggen wat u vindt. De wet stelt wel grenzen aan deze vrijheid. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent vrijheid van godsdienst? A De regering kiest een geloof voor u. B Uw werkgever kiest een geloof voor u. C U mag zelf een geloof kiezen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — U mag zelf een geloof kiezen.
Waarom? U mag zelf kiezen wat u gelooft. U mag ook kiezen om geen geloof te hebben. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welk recht heeft u bij persoonsgegevens die de gemeente over u bewaart? A U mag gegevens van buren bekijken. B U mag uw eigen gegevens bekijken. C U mag gegevens van collega's bekijken.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — U mag uw eigen gegevens bekijken.
Waarom? U mag zien welke persoonsgegevens de gemeente van u heeft. Deze gegevens zijn gratis op te vragen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent het zelfbeschikkingsrecht van een volwassen vrouw? A Haar familie kiest haar beroep. B Zij mag zelf haar leven inrichten. C Haar partner beslist over haar leven. D Haar ouders bepalen of zij werkt.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Zij mag zelf haar leven inrichten.
Waarom? Een volwassen vrouw mag zelf beslissen over haar eigen leven, bijvoorbeeld over werk. Dit heet zelfbeschikkingsrecht. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat zegt de Nederlandse wet over meisjesbesnijdenis? A Het mag als het thuis gebeurt. B Het mag als de familie toestemt. C Alle vormen zijn verboden en strafbaar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Alle vormen zijn verboden en strafbaar.
Waarom? De wet verbiedt alle vormen van meisjesbesnijdenis. Ook met toestemming van de familie blijft het strafbaar. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat betekent 'in hoger beroep gaan'? A De regering vragen een wet te veranderen. B De burgemeester vragen een rechter te vervangen. C Een hogere rechter vragen de zaak opnieuw te beoordelen. D De politie vragen een rechtszaak te sluiten.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — Een hogere rechter vragen de zaak opnieuw te beoordelen.
Waarom? Bij hoger beroep kijkt een hogere rechter opnieuw naar een zaak. Hoger beroep is mogelijk als de wet dat toestaat. Bron
Een fout melden
Onderwijs en opvoeding Meerkeuze
Vanaf welke leeftijd geldt normaal de leerplicht? A Vanaf zes jaar. B Vanaf vijf jaar. C Vanaf vier jaar.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Vanaf vijf jaar.
Waarom? Leerplicht is de wettelijke plicht om naar school te gaan. Deze begint in de maand nadat een kind vijf wordt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welk diploma geldt als startkwalificatie? A Een diploma havo. B Een mbo-diploma op niveau één. C Een diploma vmbo.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — Een diploma havo.
Waarom? Een startkwalificatie is een diploma havo, vwo of minimaal mbo niveau twee. Alleen een vmbo-diploma is daarvoor onvoldoende. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat kenmerkt het onderwijs op een openbare school? A De school is alleen voor kinderen van één godsdienst. B De school is alleen voor kinderen met Nederlandse ouders. C De school geeft les zonder een godsdienst als basis. D De school is alleen voor kinderen met een leerprobleem.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — De school geeft les zonder een godsdienst als basis.
Waarom? Openbaar onderwijs gaat niet uit van een bepaalde godsdienst of levensovertuiging. Een openbare school staat open voor alle leerlingen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is buitenschoolse opvang? A Een andere naam voor de basisschool. B Opvang voor kinderen buiten hun schooluren. C Extra schoollessen onder de gewone lestijd.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Opvang voor kinderen buiten hun schooluren.
Waarom? Buitenschoolse opvang is opvang voor en na school, op vrije dagen en in schoolvakanties. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat geldt voor lessen over seksualiteit en seksuele diversiteit op de basisschool? A De school kiest zelf of dit onderwerp voorkomt. B De school moet hier aandacht aan besteden. C De school mag hierover alleen met ouders praten. D De school laat dit onderwerp volledig aan ouders.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — De school moet hier aandacht aan besteden.
Waarom? Basisscholen moeten aandacht besteden aan seksualiteit en seksuele diversiteit. De lessen passen bij de leeftijd van de kinderen. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Wat is een doel van gesprekken tussen ouders en school? A De ontwikkeling van het kind bespreken. B De salarissen van de leerkrachten vaststellen. C De wettelijke schoolvakanties veranderen.
Antwoord tonen Juiste antwoord: A — De ontwikkeling van het kind bespreken.
Waarom? Tijdens oudergesprekken bespreken ouders en school hoe het kind leert en zich ontwikkelt. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Een ouder betaalt geen vrijwillige ouderbijdrage. Wat geldt bij een schoolreis die de school organiseert? A Het kind mag alleen mee na volledige betaling. B Het kind mag toch met de klas mee. C Het kind mag alleen mee als betalende ouders toestemmen. D Het kind krijgt verplicht een andere activiteit op school.
Antwoord tonen Juiste antwoord: B — Het kind mag toch met de klas mee.
Waarom? De ouderbijdrage is vrijwillig. Ook zonder betaling mag een kind meedoen aan extra activiteiten die de school organiseert. Bron
Een fout melden
Meerkeuze
Welke organisatie regelt studiefinanciering voor studenten? A De Belastingdienst. B De zorgverzekeraar. C DUO.
Antwoord tonen Juiste antwoord: C — DUO.
Waarom? DUO regelt studiefinanciering: geld van de overheid voor studenten die aan de voorwaarden voldoen. Bron
Een fout melden
Officiële bronnen (2) · laatst gecontroleerd op 18 oktober 2026